Winter
Afgelopen maanden zaten vol met verhuizen, contact maken, ontdekken hoe het leven hier werkt, en vooral: een baby mogen ontvangen in de wereld.


Toen we aankwamen, begonnen de paddenstoelen net de grond uit te schieten. Afgelopen weekend was alles, van de kleinste grasspriet tot de hoogste boom, bedekt met adembenemende sneeuwkristallen en kon ik schaatsen op topnatuurijs; vandaag is alles bedekt met een dikke laag sneeuw.

De bergen hebben een transformatie ondergaan: alles is wit, wit, wit. In de nacht maakt de (kerst)verlichting een kring van gezelligheid bij ieder huis, en is door het weerkaatste licht van de hemel zelfs de overkant van het dal zichtbaar. Overdag hoef ik niet meer te wachten tot halverwege de ochtend voordat ik kan zien wat er buiten gebeurt: ondanks de wolken waar we soms middenin zitten, is het licht overal aanwezig. En als de zon soms even doorbreekt, straalt het dal.
En er is iets dat nog helderder straalt: het nieuwe leven, dat beweegt en kraait en lacht - en heel veel drinkt en slaapt.
